Reglement van Splitsing

A. DEFINITIES

Artikel 1.

  1. In het reglement wordt verstaan onder:
    1. "de akte": "de akte van splitsing
    2. "eigenaar": de gerechtigde tot een appartementsrecht, daaronder begrepen hij, die een beperkt zakelijk genotsrecht op een appartementsrecht heeft;
    3. "gemeenschappelijke gedeelten": de gronden met de daarop of daarin aanwezige voorzieningen, die blijkens de akte niet bestemd zijn of worden om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
    4. "voorzieningen": al hetgeen op en/of in de gemeenschappelijke gronden is of zal worden aangebracht, als daar zijn: beplantingen in de ruimste zin des woords, eventuele afrasteringen, wegen, briefkasten, eventuele waterpompinstallaties en de al dan of niet in of op de gemeenschappelijke gronden aanwezige leidingen van water, elektriciteit, telefoon,en centraal antenne systeem en eventuele andere nog aan te leggen technische voorzieningen;
    5. "de bungalow": elk gebouw of elke stacaravan met daarbij behorend terras, open terrein en de daarin gelegen sanitaire voorzieningen‚ de gehele of gedeeltelijke afrasteringen en de beplantingen in de ruimste zin des woords‚ dat blijkens de akte bestemd is of wordt om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
    6. "gebruiker": degene, die anders dan als eigenaar of als hebbende een zakelijk genotsrecht, op een appartementsrecht het recht van uitsluitend gebruik heeft van een bungalow en het medegebruik heeft van gemeenschappelijke gedeelten en/of voorzieningen;
    7. "vereniging": de vereniging van eigenaars, als bedoeld in artikel 876 Burgerlijk Wetboek.
    8. "vergadering": de vergadering van eigenaars, als bedoeld in artikel 876 Burgerlijk wetboek.
  2. Waar hierna van huishoudelijk reglement wordt gesproken, geldt dit alleen zo dit huishoudelijk reglement bestaat.

B. REGELING OMTRENT HET GEBRUIK, HET BEHEER EN HET ONDERHOUD VAN DE GEMEENSCHAPPELIJKE GEDEELTEN EN DE VOORZIENINGEN.

Artikel 2.

Tot de gemeenschappelijke gedeelten worden onder meer gerekend: de wegen, speelvelden en de sub 1.d. vermelde voorzieningen.

Artikel 3.

Indien er twijfel bestaat of een zaak tot de gemeenschappelijke gedeelten of de voorzieningen behoort, wordt hierover beslist door de vergadering.

Artikel 4.

  1. Een eigenaar of gebruiker heeft het genot van de gemeenschappelijke gedeelten en voorzieningen‚volgens de bestemming daarvan.
  2. Hij moet daarbij in acht nemen het reglement en het huishoudelijk reglement en hij mag geen inbreuk maken op het recht van medegenot van de andere eigenaars of gebruikers.

Artikel 5.

De eigenaars en gebruikers zijn verplicht zich te onthouden van luidruchtigheid.

Artikel 6.

  1. Iedere op of aanbouw en beplanting aan of in de gemeenschappelijke gedeelten en het aanbrengen daarop of daarin van welke andere voorwerpen ook is zonder toestemming van de vergadering verboden.
  2. Een door de vergadering verleende toestemming kan – tenzij anders bepaald - worden ingetrokken.

Artikel 7.

Iedere eigenaar of gebruiker is te allen tijde bevoegd tot het nemen van maatregelen, die strekken tot het afwenden van een voor de gemeenschappelijke gedeelten of voorzieningen onmiddellijk dreigend gevaar Hij is alsdan verplicht de administrateur onmiddellijk te waarschuwen.

Artikel 8.

De vereniging voert het beheer over de gemeenschappelijke gedeelten en voorzieningen‚ met inachtneming van het in artikel 37 bepaalde.

C. REGELING OMTRENT HET GEBRUIK, HET BEHEER EN HET ONDERHOUD VAN DE BUNGALOWS.

Artikel 9.

  1. De bungalows zijn uitsluitend bestemd voor niet permanente bewoning. Afwijkend gebruik is uitsluitend toegestaan met toestemming van de gemeente Maartensdijk.
  2. Iedere eigenaar of gebruiker heeft het recht op uitsluitend gebruik van zijn bungalow, mits hij bij de uitoefening van dat recht het reglement en het huishoudelijk reglement in acht neemt en mits hij aan de andere eigenaars en gebruikers geen onredelijke hinder toebrengt.
  3. Iedere eigenaar en gebruiker is verplicht zich waardig te gedragen, met inachtneming van de regels van moraal en fatsoen. Zij zijn voorts verplicht zich te houden aan de plaatselijke politie- en andere overheidsverordeningen‚ onder andere de verordening op het verblijf in recreatiebungalows en de bepalingen‚bij het afgeven van de vergunning tot de bouw van de op het terrein te stichten opstallen gesteld.
  4. Iedere eigenaar of gebruiker mag niet op eigen of gemeenschappelijk terrein parkeren, behoudens ontheffing van de administrateur.
  5. Het is verboden op of in de bungalow reclame te maken, of op het terrein caravans of tenten te plaatsen.
  6. Indien een centraleantenne-installatie tot stand komt, zullen op of aan de bungalows geen antennes voor draad en draadloze telecommunicatie-installaties mogen worden aangebracht, respectievelijk gehandhaafd, met uitzondering van de thans reeds bestaande installaties.

Artikel 10.

  1. Iedere eigenaar of gebruiker is verplicht zijn gehele bungalow voor eigen rekening behoorlijk te onderhouden en in stand te houden. Iedere eigenaar of gebruiker is verplicht de houtopstand en beplanting van zijn appartementsrecht te onderhouden en te verzorgen.
  2. Iedere eigenaar of gebruiker is verplicht de nodige zorgvuldigheid in acht te nemen met betrekking tot de gemeenschappelijke gedeelten en voorzieningen ook voor zover deze zich in zijn bungalow bevinden.
  3. Indien voor het verrichten van een handeling met betrekking tot de gemeenschappelijke gedeelten of voorzieningen de toegang tot of het gebruik van een bungalow noodzakelijk is, is de betreffende eigenaar verplicht hiertoe zijn toestemming te verlenen. Eventuele schade, die hieruit voortvloeit, wordt door de vereniging vergoed.
  4. Indien voor het verrichten van een handeling, met betrekking tot een bungalow, de toegang of het gebruik van een ander privégedeelte noodzakelijk is, kan de toestemming van de betreffende eigenaar met toepassing van artikel 875 o van het Burgerlijk Wetboek vervangen worden door een machtiging van de kantonrechter.
  5. In het geval, dat in een bungalow belangrijke schade is ontstaan of dreigt te ontstaan, of gevaar dreigt voor ernstige hinder van de andere eigenaars of gebruikers, dient de eigenaar of de gebruiker de administrateur hiervan onverwijld in kennis te stellen.
  6. Voorzover in of onder een bungalow en de daarbij behorende grond leidingen van water, riolering, elektriciteit, telefoon, centrale antenne-inrichting en eventuele andere nog aan te leggen technische voorzieningen zijn of worden aangebracht ten behoeve van zijn eigen of een andere bungalow of het gemeenschappelijk gedeelte is de eigenaar van eerstgenoemde bungalow verplicht deze leidingen in stand te laten en te gedogen.
  7. Wanneer een bij een bungalow behorend terrein‚ de daarop gelegen sanitaire voorzieningen, de daarop geheel of gedeeltelijk staande afrasteringen en de beplanting in de ruimste zin des woords, niet behoorlijk worden onderhouden door de eigenaar of gebruiker, die daartoe verplicht is volgens het bepaalde in dit Reglement, is de vergadering zelfstandig bevoegd het onderhoud op kosten van de betreffende eigenaar of gebruiker te doen verrichten en deze kosten op deze eigenaar of gebruiker te verhalen.

Artikel 11.

  1. De eigenaren en gebruikers zijn verplicht het kleurenschema van de buitengevels en de daarin aanwezige kozijnen en deuren ongewijzigd in stand te houden, tenzij de vergadering anders mocht beslissen.
  2. Iedere op of aanbouw aan de bungalow is zonder toestemming van de vergadering verboden.

Artikel 12.

Iedere eigenaar of gebruiker is tegenover de andere eigenaars of gebruikers aansprakelijk voor de schade toegebracht aan de bungalow(s) en/of het gemeenschappelijke gedeelte en/of voorzieningen en voor onredelijke hinder veroorzaakt door de schuld van hemzelf of van zijn huisgenoten en hij is verplicht, voor zover dit redelijk is, maatregelen te nemen of te dulden, die de strekking hebben bedoelde schade te voorkomen.

Artikel 13.

Het voortbrengen van muziek en storende geluiden is tussen drie en twintig uur ’s avonds en zeven uur 's morgens verboden.

Artikel 14.

  1. Alle bungalows, met uitzondering van de zich daarin bevindende voorzieningen, zijn voor rekening en risico van de betrokken eigenaars.
  2. Alle, zich in de bungalow bevindende voorzieningen, zijn voor rekening en risico van de eigenaars gezamenlijk, onverminderd hun verhaal op degene, die voor de schade aansprakelijk is.

Artikel 15.

De vierde titel van het derde boek van het Burgerlijk Wetboek omtrent het burenrecht is op de eigenaars en gebruikers van toepassing, met uitzondering van de acties voortvloeiende uit de artikelen 713 en 714 Burgerlijk Wetboek.

Artikel 16.

Iedere eigenaar of gebruiker is verplicht alle handelingen na te laten, waardoor schade kan worden toegebracht aan de belangen van de hypotheek houders en andere zakelijke gerechtigden en hij is verplicht alles te doen wat dienstig kan zijn ter voorkoming van die schade.

D. SCHULDEN EN KOSTEN VOOR REKENING VAN DE GEZAMENLIJKE EIGENAARS

Artikel 17.

Tot de schulden en kosten als bedoeld in artikel 875 f, eerste lid onder a van het Burgerlijk Wetboek, worden gerekend;

  1. die welke gemaakte zijn in verband met het onderhoud of het gebruik van de gemeenschappelijke gedeelten of de voorzieningen of tot behoud daarvan;
  2. die welke verband houden met noodzakelijke herstellingswerkzaamheden en vernieuwingen van de gemeenschappelijke gedeelten en voorzieningen;
  3. de schulden en kosten van de vereniging;
  4. het bedrag van de schadevergoeding door de gezamenlijke eigenaars, als zodanig verschuldigd aan een van hen of een derde;
  5. de kosten van een rechtsgeding, waarin de gezamenlijke eigenaars als eisers of als verweerders optreden;
  6. de assurantiepremiën verschuldigd naar aanleiding van de verzekeringen, die door het reglement zijn voorgeschreven of waartoe ingevolge “artikel 26 door de vergadering is besloten;
  7. de kosten van openbare nutsvoorzieningen, waaronder begrepen de drinkwatervoorziening en de publiekrechtelijke lasten, voorzover deze niet afzonderlijk aan de eigenaars worden opgelegd;
  8. alle overige schulden en kosten, gemaakt in het belang van de gezamenlijke eigenaars als zodanig.

E. JAARLIJKSE EXPLOITATIEREKENING EN BEGROTING EN TE STORTEN BIJDRAGEN.

Artikel 18.

  1. Van de gezamenlijke schulden en kosten, genoemd in het vorige artikel, alsmede van een naar tijdsduur evenredig gedeelte van periodieke kosten, verbonden aan noodzakelijke vernieuwingen en aanschaffingen, wordt jaarlijks door de administrateur een begroting ontworpen en ter vaststelling aan de jaarlijkse vergadering voorgelegd.
  2. Met ingang van een nader door de administrateur vast te stellen datum, welke zal liggen na de dag waarop tot die vaststelling wordt besloten, zal door de eigenaars ten behoeve van de vereniging bij wijze van voorschotbijdragen een maal per jaar aan de administrateur worden overgemaakt hun na te vermelden aandeel in het in lid 1 vermelde bedrag‚ bij welk bedrag gevoegd wordt het bedrag dat de eigenaars uit hoofde van de in artikel 37 lid 6 bedoelde omslag verschuldigd zijn, alsmede een door de vergadering van eigenaars vast te stellen percentage van het totale bedrag van de begroting, zulks tot het vormen van een reservefonds, hierna in artikel 31. omschreven.
  3. Na afloop van elk boekjaar‚ hetwelk gelijk is aan het kalenderjaar, wordt mede ter berekening van na te vermelden definitieve bijdrage door iedere eigenaar verschuldigd door de administrateur een jaarrekening inclusief exploitatierekening opgesteld over dat boekjaar en ter vaststelling aan de jaarlijkse vergadering voorgelegd.
  4. Mocht de exploitatierekening een tekort opleveren en dit niet uit een reserve of op andere wijze bestreden kunnen worden, dan moeten de eigenaren, die naar een breukdeel worden aangeslagen, dit tekort als definitieve bijdragen binnen een maand, na daartoe door de administrateur te zijn aangemaand, aanzuiveren.
  5. Indien een eigenaar niet binnen acht dagen na verloop van de in het vorige lid genoemde termijn het door hem verschuldigde aan de administrateur heeft voldaan, is hij daarover rente verschuldigd, vast te stellen door de vergadering van eigenaars, met een minimum van twee gulden en vijftig cent (ƒ 2,50) per dag. Artikel 27 is niet van toepassing.

Artikel 19.

Indien een eigenaar het bedrag van zijn definitieve bijdrage niet binnen zes maanden na verloop van de termijn bedoeld in lid 4 van het vorige artikel heeft voldaan, wordt zijn Schuld omgeslagen Over de andere eigenaars in de verhouding als is om schreven in artikel 23 lid 3, ongeacht de maatregelen die jegens de nalatige eigenaar kunnen worden genomen en behoudens recht van verhaal van de andere eigenaars op eerstgenoemde.

F. HET IN GEBRUIK GEVEN DOOR DE EIGENAAR VAN ZIJN BUNGALOW AAN EEN GEBRUIKER.

Artikel 20.

  1. Indien een eigenaar zijn privégedeelte met inbegrip van het medegebruik van de gemeenschappelijke gedeelten en/of de gemeenschappelijke zaken aan een ander in gebruik wil geven, zal die ander het gebruik slechts kunnen verkrijgen na voorafgaande toestemming van de administrateur alsmede na ondertekening van een in duplo opgemaakte en gedagtekende verklaring,dat hij het reglement en het huishoudelijk reglement, alsmede een besluit als bedoeld in artikel 876 c Burgerlijk Wetboek, voor zover die op hem betrekking hebben, zal naleven, van deze verklaring behoudt zowel de gebruiker als de administrateur een exemplaar.
  2. Van het in lid 1 bedoelde besluit van de administrateur staat de betrokkene binnen veertien dagen na ontvangst van de kennisgeving van het besluit, beroep open op de vergadering
  3. Onverminderd het bepaalde in artikel 875 m lid 3 van het Burgerlijk Wetboek, zal de in lid 1 bedoelde verklaring geacht worden ook betrekking te hebben op besluiten en bepalingen die eerst na die verklaring worden vastgesteld, tenzij een beroep op die bepalingen jegens de gebruiker in strijd zou zijn met de goede trouw.
  4. De administrateur zal de gebruiker van iedere aanvulling of verandering van het reglement of huishoudelijk reglement, alsmede van een besluit als bedoeld in artikel 876 c Burgerlijk Wetboek, op de hoogte stellen.
  5. Een bungalow mag niet in gebruik worden genomen dan nadat de voorschotbijdrage‚ definitieve bijdragen, extra voorschotbijdragen, verschuldigd terzake van de eigendom van het appartementsrecht zijn voldaan, zulks ter beoordeling van de administrateur.

Artikel 20 a.

  1. Teneinde de toestemming van de administrateur te verkrijgen‚ zal de gegadigde zich schriftelijk wenden tot de administrateur, onder verstrekking van alle verlangde gegevens, welke dienstig zijn ter beoordeling van de gegadigde en zijn gezin.
  2. De administrateur is verplicht binnen veertien dagen na de ontvangst van de in het vorige lid bedoelde brief, zijn besluit omtrent toelating, schriftelijk aan de gegadigde mede te delen. De gegadigde kan na afwijzend besluit van de administrateur - in beroep gaan bij de vergadering, de administrateur is dan verplicht binnen dertig dagen een vergadering bijeen te roepen, waarop over de toelating van de gegadigde wordt beslist.
  3. Weigering van de gegadigde zal slechts mogen plaats vinden, indien naar redelijkheid en billijkheid van de overige bewoners niet mag worden verlangd dat zij de gegadigde in hun midden opnemen en wanneer niet voldaan is aan het bepaalde in artikel 20 en 21.

Artikel 21.

  1. De administrateur kan te allen tijde verlangen dat de gebruiker zich jegens de vereniging als borg verbindt voor de eigenaar, en wel voor de richtige voldoening van hetgeen laatstgenoemde ingevolge het reglement aan de vereniging schuldig is of zal worden.
  2. Voormelde borgtocht zal zich slechts uitstrekken tot verplichtingen van de betrokken eigenaar, die opeisbaar worden na het tijdstip, waarop per aangetekende brief door de administrateur aan de gebruiker is medegedeeld, dat de vereniging van de in het vorige lid bedoelde bevoegdheid gebruik wenst te maken. Bovendien zal de gebruiker uit hoofde van de hier bedoelde borgtocht per maand nimmer meer verschuldigd zijn dan een bedrag, overeenkomende met de geschatte maandelijkse huurwaarde, van de betreffende bungalow, vast te stellen door een of meer aan te wijzen deskundigen. Verlangd zal kunnen worden dat de borg afstand doet van het voorrecht en excepties door de wet aan borgen toegekend of nog toe te kennen.

Artikel 22.

  1. De gebruiker, die zonder de in het artikel 20 bedoelde verklaring getekend te hebben of zonder de in artikel 21 bedoelde verplichtingen te zijn nagekomen‚ dan wel zonder de ingevolge in artikel 20 vereiste toestemming, een bungalow betrokken heeft, kan door de administrateur hieruit verwijderd worden en hem kan het medegebruik van het gemeenschappelijk gedeelte en/of voorzieningen worden ontzegd.
  2. Indien iemand zonder enige titel of zonder voldoening van de bijdragen, als bedoeld in lid 5 van artikel 20, een bungalow betrokken heeft‚ kan hij hieruit door de administrateur worden verwijderd als onherroepelijk hiertoe door de eigenaars gemachtigd. De administrateur gaat niet tot ontruiming over, dan nadat hij de betrokkene tot ontruiming heeft aangemaand. Van het bevel tot ontruiming staat binnen veertien dagen beroep open op de vergadering.

G. AANDELEN, DIE DOOR DE SPLITSING ONTSTAAN EN AANDELEN IN DE VERPLICHTING TOT HET BIJDRAGEN IN DE SCHULDEN EN KOSTEN, DIE VOOR GEMEENSCHAPPELIJKE REKENING ZIJN.

Artikel 23.

  1. De eigenaars zijn in de gemeenschap gerechtigd in breukdelen, waarvan de noemer twee miljoen vierhonderd vijf en veertig duizend driehonderd vijf en zestig (2.445.365) bedraagt en de teller het getal zoals is aangegeven in de betreffende kolom achter ieder indexnummer, opgenomen in deze akte onder de omschrijving der appartementsrechten.
  2. De gemeenschappelijke baten moeten in dezelfde verhouding tussen de eigenaars worden verdeeld.
  3. De eigenaars zijn verplicht in de volgende verhouding bij te dragen in de schulden en kosten, die voor gemeenschappelijke rekening zijn:
    • de eigenaren van de appartementsrechten 1045 A-10, 11, 12, 15, 16, 21, 27, 29, 30, 31, 32, 34, 37, 60, 65, 67, 75, 83, 88, 89, 93 en 101, ieder voor zes/zeshonderd negen en negentigste (6/699e) gedeelte
    • de eigenaren van de appartementsrechten 1045 A-1, 2, 3, 5, 6, 7, 9, 13, 14, 18, 19, 20, 22, 23, 24, 25, 26, 28, 33, 35, 38 tot en met 43, 45 tot en met 59, 61, 62, 63, 64, 66, 68 tot en met 74, 76, 77, 78, 79, 82, 84, 85, 86, 87, 90, 91, 92, 94 tot en met 100 en 102, ieder voor zeven/zeshonderd negen en negentigste(7/699e) gedeelte
    • de eigenaren van de appartementsrechten 1045 A-4, 8, 17, 36, 44, 80, 81, ieder voor acht/zeshonderd negen en negentigste (8/699e) gedeelte;
    met dien verstande echter, dat de bijdrage aan de assurantiepremies, als bedoeld in artikel 26 voor iedere appartementseigenaar afzonderlijk zal worden vastgesteld, in verhouding tot de waarde van de op ieder privégedeelte geplaatste bungalow.

H. ONTZEGGING VAN HET GEBRUIK VAN DE BUNGALOWS.

Artikel 24.

  1. Aan de eigenaar die zelf het recht van gebruik uitoefent en die:
    1. de bepalingen van het reglement of het huishoudelijk reglement of de bepalingen, bedoeld in artikel 876 c Burgerlijk Wetboek niet nakomt of overtreedt;
    2. zich schuldig maakt aan onbehoorlijk gedrag jegens de andere eigenaars en/of gebruikers‚ kan door de vergadering een waarschuwing worden gegeven dat indien hij ondanks deze waarschuwing binnen een jaar, nadat hij deze heeft ontvangen andermaal een of meer der genoemde gedragingen verricht of voortzet, de vergadering overgaat tot de in het volgende lid bedoelde maatregel.
  2. Wordt een of meer der in het vorige lid bedoelde gedragingen binnen genoemde termijn andermaal gepleegd of wordt deze voortgezet, dan kan de vergadering besluiten tot ontzegging van het gebruik van de bungalow die aan de eigenaar toekomt.
  3. De vergadering besluit niet tot het geven van een waarschuwing of besluit niet tot ontzegging van het gebruik dan na verhoor of behoorlijke oproeping van de eigenaar. De oproeping geschiedt tenminste veertien dagen voor de dag van de vergadering, en wel bij aangetekende brief met vermelding van de gerezen bezwaren. De eigenaar kan zich ter vergadering doen vertegenwoordigen of doen bijstaan door een raadsman.
  4. De in dit artikel bedoelde besluiten moeten worden genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering, waarin tenminste twee/derde van het totaal aantal stemmen vertegenwoordigd is. Is dit aantal stemmen niet vertegenwoordigd zo kan op overeenkomstige wijze als in artikel 37 lid 4 is vermeld, een tweede vergadering worden gehouden, waarin ongeacht het aantal vertegenwoordigde stemmen met de hiervoor bedoelde meerderheid de in dit artikel 24 bedoelde besluiten kunnen worden genomen.
  5. De in dit artikel bedoelde besluiten worden door de administrateur bij aangetekend schrijven ter kennis van de belanghebbende en van de op zijn appartementsrecht ingeschreven hypotheekhouders gebracht. De besluiten zullen de gronden vermelden, die tot de maatregel hebben geleid.
  6. Een besluit tot ontzegging van het gebruik zal niet eerder ten uitvoer mogen worden gelegd, dan na verloop van een termijn van een maand, na verzending van de kennisgeving als in lid 5 bedoeld. Beroep op de rechter ingevolge artikel 876 d van het Burgerlijk Wetboek schorst de ten uitvoerlegging van het genomen besluit met dien verstande, dat de schorsing wordt opgeheven, wanneer de rechter zich met het besluit verenigt, zelfs wanneer de betrokkene tegen deze uitspraak de rechtsmiddelen van hoger beroep of cassatie zou kunnen aanwenden.
  7. Indien een eigenaar zijn bungalow in gebruik heeft gegeven, is het in de vorige leden bepaalde op de gebruiker van toepassing, wanneer deze een gedraging verricht als vermeld in lid 1, of indien hij niet voldoet aan de financiële verplichtingen voortvloeiende uit de door hem gestelde borgtocht.

I. VERVREEMDING EN BEZWARING VAN HET APPARTEMENTSRECHT.

Artikel 25.

  1. Een appartementsrecht kan worden vervreemd en met hypotheek en andere zakelijke rechten worden bezwaard. Onder vervreemding valt ook toedeling.
  2. Voor de terzake van het verkregen appartementsrecht verschuldigde voorschotbijdragen en definitieve bijdragen, die in het lopende of in het voorafgaande boekjaar opeisbaar zijn geworden of nog zullen worden, zijn de verkrijger en de vroegere eigenaar hoofdelijk aansprakelijk.
  3. Alleen de vroegere eigenaar is aansprakelijk voor de extra voorschotbijdragen, bedoeld in artikel 37 en de definitieve bijdragen, die verschuldigd zijn als gevolg van besluiten van de vergadering die tot stand gekomen zijn in het tijdvak, gedurende hetwelk hij eigenaar was. Hetzelfde geldt voor bijzondere bijdrage verschuldigd terzake van andere rechtsfeiten, die in voormeld tijdvak hebben plaatsgehad.
  4. In afwijking van het vorig lid is uitsluitend de nieuwe eigenaar aansprakelijk voor assurantiepremies en het verschuldigde loon aan de administrateur, voorzover deze premie of dit loon opeisbaar is geworden na de vervreemding.
  5. De administrateur draagt zorg dat alle daarvoor in aanmerking komende overeenkomsten op naam van de nieuwe eigenaar gesteld worden.

Artikel 25 a.

  1. De nieuwe eigenaar is verplicht de toestemming van de administrateur te vragen, alvorens het privégedeelte zelf in gebruik te nemen, dan wel een ander als gebruiker daarvan toe te laten. Artikel 20 a leden l-3 en artikel 22 zijn van overeenkomstige toepassing.
  2. In geval van openbare verkoping zal eveneens de toestemming moeten worden gevraagd aan de administrateur. Te dien einde zal iedere gegadigde zich kunnen wenden tot de administrateur met het verzoek af te geven de verklaring dat geen bezwaar zal worden gemaakt tegen gebruik, door de gegadigde met zijn gezin, van het privé gedeelte waar op het te verkopen appartementsrecht betrekking heeft, indien dit bij de de openbare verkoop aan hem mocht worden toegewezen. Teneinde de toestemming van de administrateur te verkrijgen, zal de gegadigde deze onder betaling van een in het huishoudelijk reglement te bepalen bedrag ter bestrijding van de te maken onkosten, de gegevens verstrekken bedoeld in artikel 20 a lid 1.
  3. Indien de administrateur de toestemming weigert kan de gegadigde in beroep komen bij de vergadering. Deze wordt in dat geval terstond bijeen geroepen en kan beslissen ongeacht het aanwezige quorum, terwijl de termijn van oproeping ten hoogste drie dagen bedraagt.
  4. Het bepaalde in lid 2 en 3 is mede van toepassing bij verkoop door de eerste hypothecaire schuldeiser ingevolge een beding als bedoeld in artikel 1223 lid 2 Burgerlijk Wetboek, tenzij bedoelde schuldeiser ten minste dertig dagen voor de veiling aan de administrateur bij aangetekende brief heeft medegedeeld dat hij in de veilingvoorwaarden de bepaling wenst op te nemen‚ dat de koper een verklaring zal kunnen afleggen krachtens welke hij en zijn rechtsopvolgers bevoegd zullen zijn het privégedeelte zelf in gebruik af te staan, zonder dat hiervoor enige toestemming vereist is. De hier bedoelde verklaring dient te worden opgenomen in een daartoe bestemde notariële akte, waarvan een afschrift zal worden overgeschreven in de openbare registers, gelijktijdig met het afschrift of uittreksel van het proces verbaal van gunning. De administrateur is verplicht de verklaring ter kennis van de andere eigenaars te brengen.
  5. Indien de koper een verklaring als bedoeld in lid 4 heeft afgelegd, zal binnen een maand na de overschrijving in de openbare registers door de administrateur een vergadering worden bijeengeroepen, waarin beraadslaagd zal worden over de wijziging van het in artikel 20 en in dit artikel bepaalde, in dier voege‚ dat ook de andere eigenaars en hun rechtsopvolgers bevoegd zullen zijn het privégedeelte waarop hun appartementsrecht betrekking heeft in gebruik te nemen of aan anderen in gebruik af te staan, zonder dat hiervoor enige toestemming nodig is.

J. REGELING OMTRENT VERZEKERING.

Artikel 26.

  1. Het in de splitsing betrokken onroerend goed kan op door de vergadering te bepalen wijze, door de administrateur worden verzekerd op uitgebreide voorwaarden bij een of meer door de vergadering aan te wijzen verzekeraars. Voorts zal de vergadering bevoegd zijn te besluiten tot het aangaan van andere verzekeringen.
  2. Het bedrag der verzekeringen wordt vastgesteld door de administrateur; het zal wat de uitgebreide gevarenverzekering betreft moeten overeenstemmen met de herbouwkosten van de bungalows. De vraag of deze overeenstemming bestaat, zal regelmatig/gecontroleerd moeten worden door een deskundige onverminderd een eventuele indexclausule.
  3. Verzekeringsovereenkomsten worden door de administrateur afgesloten ten name van de gezamenlijke eigenaars, doch met vermelding op de polis van de verzekerde som voor elke bungalow afzonderlijk. Hij is daartoe slechts bevoegd indien het bepaalde in lid 5 wordt nageleefd.
  4. De eigenaars verbinden zich de uit hoofde van de verzekeringsovereenkomsten uit te keren schadepenningen, indien deze een bedrag van tweeduizend gulden (ƒ 2.000,-) te boven gaan, te doen plaatsen op een voor de financiering van het herstel van de schade krachtens besluit van de vergadering door de administrateur te openen afzonderlijke bankrekening ten name van de vereniging, die de op deze rekening te storten gelden zal houden voor de onderhavige eigenaar(s) ten aanzien van de op deze rekening te storten gelden is artikel 31 leden drie tot en met vijf van overeenkomstige toepassing, met dien verstande, dat de gelden steeds bestemd moeten blijven voor het herstel of de wederopbouw, onverminderd artikel 876 j lid 4 Burgerlijk Wetboek. In het geval, bedoeld in artikel 876 j lid 4 Burgerlijk Wetboek zal, indien een eigenaar zich heeft schuldig gemaakt aan een daad of verzuim‚ welke krachtens de wet of de verzekeringsvoorwaarden gehele of gedeeltelijke ongehoudenheid van de verzekeraar tot uitkering van de schadepenningen tot gevolg zou hebben, de uitkering van het aandeel van de betreffende eigenaar dienen te geschieden aan de verzekeraar.
  5. De administrateur dient ervoor te zorgen dat de verzekeringsovereenkomst de volgende Clausule bevat:
    Zolang de eigendom van de hierbij verzekerde bungalows gesplitst is in appartementsrechten, gelden de volgende aanvullende voorwaarden: Een daad of verzuim van een eigenaar, welke krachtens de wet of de verzekeringsvoorwaarden gehele of gedeeltelijke ongehoudenheid van ondergetekende tot uitkering van de schadepenningen tot gevolg zou hebben, laat de uit deze polis voortvloeiende rechten onverlet. Niettemin zullen de ondergetekenden in zodanig geval gerechtigd zijn, mits zij voor de uitkering de wens daartoe te kennen hebben gegeven een aandeel in de schadepenningen overeenkomende met het aandeel waarin de desbetreffende eigenaar in de gemeenschap gerechtigd is van deze terug te vorderen. Ingeval van toepassing van artikel 876 j lid 4 van het Burgerlijk Wetboek, zal de uitkering van het aandeel in bedoeld geval in plaats van aan de eigenaar geschieden aan de ondergetekenden. Gaat de verschuldigde uitkering een bedrag van tweeduizendvijfhonderd gulden te boven, dan geschiedt zij op de wijze te bepalen door de vergadering van eigenaars, zulks blijkende uit een door de voorzitter gewaarmerkt afschrift van de notulen der vergadering. Door uitkering overeenkomstig de voorwaarden dezer polis zullen ondergetekenden tegenover alle belanghebbenden volledig zijn gekweten.
  6. In geval door de onderhavige eigenaar(s) besloten wordt tot herstel of herbouw, is het bepaalde in artikel 876 j van het Burgerlijk Wetboek, leden 2 tot en met 4 en artikel 876 k van het Burgerlijk Wetboek van toepassing met dien verstande, dat uitkering van het aan de onderhavige eigenaar(s) toekomende aandeel in de assurantiepenningen aan deze slechts zal kunnen geschieden met toestemming van degenen, die op het desbetreffende appartementsrecht een recht van hypotheek hebben.
  7. Indien de schadepenningen niet toereikend blijken te zijn voor herstel - herstel van de bungalow zelf daar niet onder begrepen - draagt iedere eigenaar bij in het tekort, onverminderd het verhaal op degene die voor de schade aansprakelijk is.
  8. Iedere eigenaar is bevoegd een aanvullende verzekering te sluiten. In het geval bedoeld in artikel 875 l‚tweede lid Burgerlijk Wetboek is de administrateur tot het sluiten van een aanvullende verzekering verplicht.

K. OVERTREDINGEN.

Artikel 27.

  1. Bij overtreding van een der bepalingen van de wet, van het reglement of van het huishoudelijk reglement, hetzij door een eigenaar, hetzij door een gebruiker, zal de administrateur de betrokkene een schriftelijke waarschuwing doen toekomen per aangetekende brief en hem wijzen op de overtreding.
  2. Indien de betrokkene geen gevolg geeft aan de waarschuwing kan de vergadering hem een dadelijk opeisbare, niet voor matiging vatbare boete opleggen van vijfduizend gulden (ƒ 5.000,-) voor elke overtreding en van tweehonderd vijftig gulden (ƒ 250,-) per dag dat de overtreding voortduurt, gerekend vanaf de datum van aanbieding van de aangetekende brief, onverminderd de gehoudenheid van de overtreder tot schadevergoeding zo daartoe termen aanwezig zijn, en onverminderd de andere maatregelen, welke de vergadering kan nemen krachtens de wet of het reglement. De vergadering is bevoegd het bedrag van de boete regelmatig te herzien, met inachtneming van de waardedaling van het geld.
  3. Het vorenstaande geldt niet, indien een eigenaar zijn financiële verplichtingen jegens de vereniging of jegens de gezamenlijke eigenaars niet of niet tijdig nakomt.
  4. De te verbeuren boeten en de in artikel 18. bedoelde rentevergoeding komen ten bate van het reservefonds, onverminderd de bevoegdheid van de vergadering om daaraan een andere bestemming te geven.

L. HUISHOUDELIJK REGLEMENT.

Artikel 28.

  1. Behoudens het bepaalde in de voorafgaande artikelen‚ kan het gebruik van het gemeenschappelijke gedeelte worden geregeerd door een huishoudelijk reglement, dat alsdan zal worden vastgesteld en dat kan worden aangevuld of gewijzigd door de vergadering met een meerderheid van tenminste drie/vierde van het aantal uitgebrachte stemmen, waarin een aantal eigenaars tegenwoordig of vertegenwoordigd is, dat tenminste twee/derde van het totaal aantal stemmen kan uitbrengen. Artikel 37 lid 4 is van overeenkomstige toepassing.
  2. In het huishoudelijk reglement kunnen voorts nadere regels worden opgenomen, betreffende het gebruik van de gedeelten, die bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt.
  3. Bij vervreemding van een appartementsrecht is de nieuwe eigenaar die de bungalow zelf in gebruik wil nemen, verplicht een verklaring te tekenen‚ dat hij de bepalingen van het huishoudelijk reglement zal naleven. Voor de toepassing van deze bepaling wordt het vestigen van een zakelijk genotsrecht op een appartementsrecht met vervreemding gelijkgesteld.

M. OPRICHTING VAN EEN VERENIGING VAN EIGENAARS EN VASTSTELLING VAN STATUTEN VAN DEZE VERENIGING.

I. Algemene Bepalingen.

Artikel 29.

  1. Bij dezen wordt opgericht een vereniging van eigenaars, als bedoeld in artikel 875 f eerste lid onder e van het Burgerlijk Wetboek.
  2. De vereniging draagt de naam: "Vereniging van Eigenaars Bungalowpark de Egelshoek” en is gevestigd te Maartensdijk.
  3. De vereniging heeft ten doel het behartigen van de gemeenschappelijke belangen van de eigenaars en meer in het bijzonder het beheer en bestuur van het gemeenschappelijk gedeelte en de voorzieningen en het verrichten van alle handelingen welke in het belang van de eigenaren zijn of daaraan bevorderlijk kunnen zijn, daaronder begrepen de vertegenwoordiging van de eigenaren.
  4. De vereniging is bij uitsluiting van ieder ander bevoegd en verplicht op haar naam de benodigde vergunning van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Maartensdijk, zoals bedoeld in de Kampeerverordening van de gemeente aan te vragen.
  5. De Vereniging ziet voorts toe op de nakoming van de verplichtingen die door de eigenaars uit de Wet en het reglement jegens elkaar en jegens de gemeente Maartensdijk voortvloeien en kan te dien einde in rechte tegen hen optreden. Onder eigenaars worden hiermede begrepen de gebruikers.

Artikel 30.

Het vermogen van de vereniging wordt gevormd door de bijdragen door de eigenaars verschuldigd, overeenkomstig de bepalingen van het reglement, alsmede door toevallige baten.

Artikel 31.

  1. Er wordt een reservefonds gevormd, waaruit buitengewone uitgaven kunnen worden bestreden. Aan dat fonds zal geen andere bestemming worden gegeven, tenzij krachtens besluit van de vergadering met toepassing van het bepaalde in artikel 37 lid 4 dan wel na opheffing van de splitsing.
  2. De gelden van het reservefonds worden krachtens besluit van de vergadering gedeponeerd op een afzonderlijke bankrekening, ten name van de vereniging.
  3. Over de in het vorige lid bedoelde gelden kan slechts worden beschikt na verkregen machtiging van de vergadering, tenzij de gelden worden gebruikt in overeenstemming met een tevoren vastgestelde begrotingspost, en wel door de voorzitter en de administrateur of in de plaats van deze door een van de eigenaren, daartoe door de vergadering aangewezen.
  4. De vergadering zal kunnen besluiten tot belegging van de geldmiddelen van het reservefonds, welke belegging echter niet anders zal mogen geschieden dan na verkregen advies van een solide beleggingsadviseur.
  5. De waardepapieren zullen moeten worden bewaard op de wijze als door de vergadering bepaald.

II. Vergadering van eigenaars.

Artikel 32.

  1. De vergaderingen van eigenaars worden gehouden te Maartensdijk.
  2. Jaarlijks binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar zal een vergadering worden gehouden, waarin, in overeenstemming met artikel 18 lid 3, door de administrateur de jaarrekening inclusief exploitatierekening over het afgelopen boekjaar wordt verstrekt, die door de vergadering moet worden goedgekeurd voor de vaststelling van de definitieve bijdrage door iedere eigenaar. In deze of een eerdere vergadering wordt tevens een nieuwe begroting opgesteld voor het aangevangen en het komende jaar.
  3. Vergaderingen worden voorts gehouden zo dikwijls de administrateur of de voorzitter zulks nodig achten, alsmede indien tenminste vijf eigenaars onder nauwkeurige schriftelijke opgave van de te behandelen punten zulks verzoeken aan de administrateur.
  4. Indien een door eigenaars verlangde vergadering niet door de administrateur wordt bijeengeroepen op een zodanige termijn, dat de verlangde vergadering binnen een maand na binnenkomen van het verzoek wordt gehouden, zijn de verzoekers bevoegd zelf een vergadering bijeen te roepen met inachtneming van dit reglement.
  5. Door de vergadering wordt uit de eigenaars of hun echtgenoten een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter benoemd en zodanige andere functionarissen als de vergadering wenselijk acht. De voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter worden voor onbepaalde tijd benoemd met dien verstande, dat zij als zodanig van rechtswege defungeren, zodra zij ophouden eigenaars te zijn. Zij kunnen te allen tijde door de vergadering worden ontslagen.
  6. De voorzitter, casu quo de plaatsvervangend voorzitter, is belast met de leiding van de vergaderingen; bij hun afwezigheid voorziet de vergadering zelf in haar leiding. De oproeping ter vergadering vindt plaats met een termijn van tenminste veertien vrije dagen en wordt verzonden naar de werkelijke of, in overeenstemming met artikel 15 Burgerlijk Wetboek, gekozen woonplaats van de eigenaars; zij bevat de opgave van de punten der agenda, alsmede de plaats van de vergadering. De eigenaars worden tijdens hun verblijf in de bungalows geacht daarin woonplaats te hebben gekozen. Zodra een bungalow bewoond is wordt een eigenaar geacht daarin te verblijven, tenzij overeenkomstig het reglement een verhuring heeft plaatsgehad. Indien een oproeping is verzonden aan een woonplaats in dit lid bedoeld, kan de geldigheid van de oproeping niet worden betwist indien deze niet of niet tijdig is ontvangen.
  7. De plaatsvervangend voorzitter treedt op ingeval van ontstentenis of belet van de voorzitter.
  8. De aanwezigheid ter vergadering blijkt uit de voor de aanvang van de vergadering ondertekende presentielijst.

Artikel 33.

  1. Stemgerechtigd zijn de eigenaars, onverminderd het bepaalde in artikel 875 q lid 3 van het Burgerlijk Wetboek.
  2. Zolang een opvolgend eigenaar niet heeft voldaan, aan het bepaalde in artikel 875 p Burgerlijk Wetboek, heeft hij niet het recht zijn stemrecht uit te oefenen, noch het recht vergaderingen bij te wonen.
  3. Geldige stemmen kunnen ook worden uitgebracht door de eigenaren aan wie door het te nemen besluit enig recht zou worden toegekend of die door het te nemen besluit van enige verplichting zouden worden ontslagen.
  4. Het maximum aantal stemmen in de vergadering bedraagt 102. In de vergadering van eigenaren wordt voor elk appartementsrecht een stem uitgebracht.

Artikel 34.

  1. Indien een appartementsrecht aan meer personen toekomt,zullen deze hun rechten in de vergadering slechts kunnen uitoefenen door middel van één hunner of een derde daartoe schriftelijk aangewezen.
  2. Indien zij over hun Vertegenwoordiging ter vergadering niet tot overeenstemming kunnen komen, is de meest gerede hunner bevoegd de kantonrechter te Utrecht te verzoeken een derde aan te wijzen als vertegenwoordiger.

Artikel 35.

Ieder der eigenaars is bevoegd, hetzij in persoon, hetzij bij een schriftelijk gevolmachtigde, de vergadering bij te wonen, daarin het woord te voeren en het stemrecht uit te oefenen.

Artikel 36.

  1. Alle besluiten, waarvoor in dit reglement of krachtens de wet geen afwijkende regeling is voorgeschreven, worden genomen met een volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemmen
  2. Bij staking van stemmen over zaken wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. Indien bij stemming over personen geen hunner de volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemmen verkrijgt‚ wordt herstemd tussen de twee personen, die de meeste stemmen op zich verenigd hebben. Indien meer dan twee personen in dit geval verkeren en een gelijk aantal stemmen hebben verkregen, wordt door loting uitgemaakt welke twee van hen voor herstemming in aanmerking komen. Indien het grootste aantal stemmen slechts door een persoon is verkregen, zal worden herstemd tussen die persoon en een persoon, die een aantal stemmen verkregen heeft, hetwelk het dichtst het grootste aantal stemmen nabijkomt en indien meer personen in dit laatste geval verkeren, zal door het lot worden beslist, wie van hen voor herstemming in aanmerking komt. Bij deze tweede stemming is alsdan gekozen hij, die de meeste stemmen op zich verenigd heeft, terwijl ingeval bij deze tweede stemming de stemmen staken, het lot beslist. Blanco stemmen zijn van onwaarde. Stemmen bij acclamatie is toegestaan.
  3. Met een besluit van de vergadering staat gelijk een voorstel, waarmede alle eigenaars schriftelijk hun instemming hebben betuigd.
  4. In een vergadering, waarin minder dan de helft van het maximum aantal stemmen kan worden uitgebracht, kan geen geldig besluit worden genomen. In dat geval zal een nieuwe vergadering worden uitgeschreven, te houden niet vroeger dan vier en niet later dan acht weken na de eerste. In de oproeping tot deze vergadering zal mededeling worden gedaan, dat de komende vergadering een tweede vergadering is, als bedoeld in dit artikel. In deze vergadering zal over de aanhangige onderwerpen een besluit kunnen worden genomen ongeacht het aantal stemmen, dat ter vergadering kan worden uitgebracht.

Artikel 37.

  1. De vergadering beslist over het beheer en bestuur van het gemeenschappelijke gedeelte en voorzieningen, voorzover de beslissing hierover niet aan de administrateur is opgedragen.
  2. De beslissing over het onderhoud van het gemeenschappelijke gedeelte en voorzieningen berust bij de administrateur. Deze kan echter geen onderhoudswerkzaamheden opdragen, die een bedrag van vijfduizend gulden (ƒ 5.000,-), casu quo een jaarlijks door de vergadering vast te stellen bedrag te boven gaan, indien hij daartoe niet vooraf door de vergadering is gemachtigd.
  3. Ieder der eigenaars of gebruikers is verplicht zijn medewerking te verlenen aan de uitvoering van de besluiten der vergadering, voorzover dit redelijkerwijs van hem verlangd kan worden. Lijdt hij als gevolg hiervan schade, dan wordt deze hem door de vereniging vergoed.
  4. Besluiten door de vergadering tot het doen van uitgaven, die een bedrag van vijfduizend gulden (ƒ 5.000,-) te boven gaan, kunnen slechts worden genomen met een meerderheid van tenminste drie/vierde van het aantal uitgebrachte stemmen,waarin een aantal eigenaars tegenwoordig of vertegenwoordigd is, dat tenminste twee/derde van het totaal aantal stemmen kan uitbrengen. In een vergadering waarin minder dan twee/derde van het in de vorige zin bedoelde maximum aantal stemmen kan worden uitgebracht, kan geen geldig besluit worden genomen. In dat geval zal een nieuwe vergadering worden uitgeschreven te houden niet vroeger dan vier en niet later dan acht weken na de eerste. In de oproeping tot deze vergadering zal mededeling worden gedaan, dat de komende vergadering een tweede vergadering is als bedoeld in dit artikel. In deze vergadering zal over de aanhangige onderwerpen een besluit kunnen worden genomen, ongeacht het aantal stemmen, dat ter vergadering kan worden uitgebracht, mits met een meerderheid van tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen.
  5. Het in het vorige lid bepaalde geldt niet voor uitgaven met betrekking tot posten, die door de vergadering overeenkomstig artikel 18 lid 1 en artikel 32 lid 2 op de jaarlijkse begroting zijn geplaatst voorzover deze posten met niet meer dan tien procent (10%) overschreven worden, of van uitgaven waarvoor een speciale reserve is gevormd.
  6. Indien door de vergadering overeenkomstig het in het vierde lid bepaalde tot het doen van een uitgave wordt besloten, wordt tevens de extra voorschotbijdrage bepaald, welke door de administrateur te dier zake van de eigenaars kan worden gevorderd. De uitvoering van zodanige besluiten kan eerst geschieden wanneer de voor de uitvoering benodigde gelden in de kas van de vereniging gereserveerd zijn.
  7. Het in lid 4 en het vorige lid bepaalde geldt eveneens voor besluiten tot het aanbrengen van nieuwe installaties tot het wegbreken van bestaande installaties, voorzover deze niet als een uitvloeisel van het normale beheer zijn te beschouwen.

Artikel 38.

  1. Tot het aangaan van overeenkomsten, waaruit regelmatig terugkerende verplichtingen‚ die zich over een langere periode dan een jaar uitstrekken, voortvloeien, met uitzondering van de contracten die betrekking hebben op het normale beheer, kan slechts door de vergadering worden besloten, voorzover de mogelijkheid hiertoe uit het reglement blijkt.
  2. Van deze bepaling kan zelfs niet met algemene stemmen worden afgeweken.

Artikel 39.

  1. Van het behandelde in de vergaderingen worden‚ tenzij hiervan een notarieel proces- verbaal wordt opgemaakt, onderhandse notulen gehouden, welke moeten worden ondertekend door de voorzitter en de administrateur.
  2. Artikel 46 Wetboek van Koophandel is te dezen van overeenkomstige toepassing.
  3. Iedere eigenaar kan te allen tijde inzage van de notulen verlangen, en daarvan een af schrift of een uittreksel verkrijgen.

III. Het bestuur van de vereniging.

Artikel 40.

  1. Het bestuur van de vereniging berust bij een administrateur, die benoemd wordt door de vergadering. De vergadering zal ook een plaatsvervangend administrateur kunnen benoemen. De benoeming geschiedt voor onbepaalde tijd.
  2. Een administrateur kan te allen tijde worden ontslagen, al of niet met inachtneming van een termijn. De vergadering kan aan de administrateur en/of aan de plaatsvervangend administrateur een beloning toekennen.
  3. De administrateur vertegenwoordigt de vereniging in en buiten rechte en hij beheert de middelen van de vereniging en draagt zorg voor de tenuitvoerlegging van de besluiten van de vergadering, onverminderd het bepaalde in artikel 31.
  4. Hij behoeft de machtiging van de vergadering voor het instellen van en berusten in rechtsvorderingen en het aangaan van dadingen alsmede voor het aangaan van rechtshandelingen en het geven van kwijtingen een belang van een bedrag van éénduizend gulden (ƒ 1.000,-) te boven gaande. Hij behoeft geen machtigingen om verweer te voeren in kort geding.
  5. Voorzover in verband met de omstandigheden het nemen van spoedeisende maatregelen, welke uit een normaal beheer kunnen voortvloeien, noodzakelijk is, is de administrateur zonder [machtiging] van de vergadering hiertoe bevoegd, met dien verstande, dat hij voor het aangaan van verbintenissen een belang van een bedrag van vijfduizend gulden (ƒ 5.000,-) casu quo een jaarlijks door de vergadering vast te stellen bedrag te boven gaande, de machtiging nodig heeft van de voorzitter van de vergadering en voor het aangaan van verbintenissen een belang van een bedrag van tienduizend gulden (ƒ 10.000), casu quo een jaarlijks door de vergadering vast te stellen bedrag te boven gaan, de machtiging van de vergadering.
  6. De administrateur is verplicht aan iedere eigenaar alle inlichtingen te verstrekken, betreffende de administratie van het gemeenschappelijk gedeelte en de voorzieningen en het beheer van de fondsen, welke die eigenaar mocht verlangen en hem op zijn verzoek inzage te verstrekken van alle op die administratie en dat beheer betrekking hebbende boeken, registers en bescheiden; hij houdt de eigenaars op de hoogte van zijn woonplaats en telefoonnummer.
  7. Voor de eerste maal wordt in afwijking van het vorenstaande tot administrateur benoemd: [''naam, geboortedatum en -plaats van eerste administrateur'']

Artikel 41.

De administrateur legt een register aan van eigenaars en gebruikers. Na kennisgeving als bedoeld in de artikelen 875p lid 2 en 875 q lid 4 van het Burgerlijk Wetboek, wordt het register door hem bijgewerkt.

Artikel 42.

De administrateur is verplicht de kasmiddelen van de vereniging te plaatsen op een giro- of bankrekening ten name van de vereniging.


13 juni 1980


Bewerkt als webpagina door M. Schilstra met dank aan F. Janssen voor het digitaliseren van een afschrift van de originele spitsingsakte.